De 60 km start over

Zoeken



Oscar van Rijswijk karakteriseerde de tweejaarlijkse ultraloop rond Texel ooit als ‘de langste Nederlandse cross’. En hoewel dat wat overdreven is, geeft het wel aan dat de deelnemer op Texel niet moet rekenen op een eindtijd die hij bij een vlakke ronde van 60 km zou halen.
Bij de Marathon & Ultra Cup kregen in het verleden de finishers een punten-bonus op zware parcoursen, zoals de 50 van Kluisbergen. Een parcours werd als zwaar gerekend als de gemiddelde eindtijden zo’n 20% of meer boven de eindtijden op vlakke parcoursen van vergelijkbare lengte lagen. Maar de trails in Vlaanderen en de Ardennen zijn van een andere moeilijkheids-orde als de Nederlandse landschapslopen en De Zestig van Texel werd terecht door de Belgen niet tot die zware parcoursen gerekend.

Jan Vandendriessche, die op grond van een lange en imposante loopcarrière als een expert in dit soort vergelijkingen werd geraadpleegd, beoordeelde het parcours van Texel niet als merkbaar ‘zwaar’. En hij kon het weten, op grond van een drietal deelnames op het eiland met een 8e plaats in 1993 in 4.17.45, een 4e plaats in 1995 in 4.09.20, en als winnaar van de editie van 1999 in 3.57.35. Op het eerste gezicht geeft dit rijtje aan dat enige ervaring met het parcours nuttig kan zijn om goed op Texel te presteren. Maar de werkelijkheid is dat Jan VDD tussen 1995 en 1999 heel anders is gaan trainen om meer uit zichzelf te halen. Overigens kwam hij al wel een paar dagen eerder naar Texel om ‘in gesprek met het parcours’ te komen.

Dus geen 20% maar hoeveel zwaarder is Texel dan wel vergeleken met een vlak parcours?

 



Inmiddels is er mooi vergelijkingsmateriaal sinds recent de eindtijden van de beste Nederlanders in de uitslagen van de 20 edities van de Schipholloop (Ronde om de Haarlemmermeer) beschikbaar zijn gekomen. Die analyse is onlangs als laatste deel van de serie artikelen over de ultraklassieker rond de Haarlemmermeer hier op UltraNed verschenen: zie
artikel op ultraned

In Tabel 1 hieronder zijn de eindtijden van de beste Nederlanders gegroepeerd per 4 jaar, dus steeds werden 2 Texel edities gemiddeld. De lopers van de eerste 4 edities waren duidelijk sneller dan de lopers van de laatste 4 edities. De trend dat de goede loper in de oudere edities iets beter was dan de goede loper in recente jaren, zagen we eerder bij de Schipholloop (zie de link hierboven). Daar ging het om de tachtiger jaren versus de negentiger jaren, en bij Texel gaat het om de negentiger jaren versus de jaren 1999 t/m 2005. De meest eenvoudige achtergrond van dit verschijnsel werd verwoord door Bram van der Bijl: “De verklaring is simpel. Er wordt tegenwoordig langzamer gelopen dan vroeger.”

Los van die mogelijke trend in de tijd dat er tegenwoordig wat minder hard gelopen wordt door Nederlanders, zijn in Tabel 2 alle edities van de Schipholloop gemiddeld, waarbij het opvalt dat de gemiddelde eindtijden van de periode 1990 t/m 1993 gelijk zijn aan de langjarige gemiddelden. Vervolgens werd de gemiddelden over 20 jaar van eindtijden op de 61 km teruggerekend naar eindtijden op de 60 km. De 60km-Texel-gemiddelden (uit Tabel 1) met 4.05 – 4.15 – 4.33 bleken aanzienlijker langzamer dan het vergelijkbare rijtje van de 60km-Schipholloop-gemiddelden van 3.48 – 3.53 – 4.06


 
Tabel 1. Eindtijden beste Nederlanders in De Zestig van Texel


1991+1993 1995+1997 1999+2001 2003+2005 Texel
snelste langzame gemiddeld
Nederlanders Nederlanders (n=8)

gemiddeld beste NL 4.01 4.02 4.08 4.07 4.05

gemiddeld beste 3 NL 4.08 4.08 4.17 4.26 4.15

gemiddeld beste 10 NL 4.22 4.24 4.38 4.47 4.33


Tabel 2. Eindtijden beste Nederlanders in de Ronde om de Haarlemmermeer

1990-1993 1994-1997 61 km 60 km Texel
langzame gemiddeld gemiddeld gemiddeld
Nederlanders (n=20) (n=8)

gemiddeld beste NL 3.52 4.01 3.52 3.48 plus 7.2%

gemiddeld beste 3 NL 3.57 4.08 3.57 3.53 plus 9.4%

gemiddeld beste 10 NL 4.11 4.22 4.10 4.06 plus 10.8%



Samenvattende conclusie: Een vergelijking van de 10 beste Nederlanders in de twintig edities van de Ronde van de Haarlemmermeer (de Schipholloop) over 1978 t/m 1997 met de beste 10 in de acht edities van De Zestig van Texel 1991 t/m 2005 levert op dat Texel ongeveer 10% zwaarder is dan een 60 km ultraloop over een vlak parcours

Wat in dit overzicht niet mag ontbreken, is een verwijzing naar de veranderende leeftijdsopbouw van de deelnemers op de 60 km van Texel. Soortgelijke analyses ontbreken voor de Schipholloop of de RUN, maar ook daar werd en wordt een algemene verschuiving van senioren naar masters gezien. Voor Texel geef ik hier het laatste overzichtje van 2005, met Nederlanders en buitenlanders door elkaar heen. (zie
zie artikel op ultraned) De aanmeldingen voor de editie van 2007 geven geen veranderingen in dit beeld, gemiddeld is de huidige ultraloper rond de 47 jaar (zie het nieuwe tellertje met onderverdeling van de inschrijving)

Tabel 3. De Zestig van Texel: gemiddelde leeftijden van de eerste 3 en 10 mannen op de 60 km, en van alle ultralopers (m/v, 60 en 120 km)

Editie --- eerste 3 --- eerste 10 --- alle ultralopers

2005 ------- 39.7 ------- 39.7 ------- 47
2003 ------- 40.0 ------- 45.3 ------- 46
2001 ------- 38.3 ------- 40.8 ------- 45
1999 ------- 36.7 ------- 40.2 ------- 42
1997 ------- 34.3 ------- 39.9 ------- 42
1995 ------- 30.7 ------- 36.5 ------- 43
1993 ------- 31.3 ------- 33.9 ------- 40
1991 ------- 33.7 ------- 37.6 ------- 39

Speciaal voor de ultradebutanten op Texel is Tabel 4 gemaakt. Vanuit de marathon-eindtijd wordt een realistische eindtijd op Texel voorspeld. Simpele aannames zijn daarbij gehanteerd: voor een vlakke ultraloop van 60 km is de eindtijd gebaseerd op een snelheid die ongeveer 10% lager ligt dan op de marathon, en dan voor de Zestig van Texel is de gerealiseerde snelheid nog eens 10% lager. Bij marathon-loopsnelheden van 13 t/m 10 km/uur is overal standaard een half uur extra voor Texel gerekend vergeleken met een vlakke 60 km.

Tabel 4. Richttijden voor De Zestig van Texel op grond van eindtijden op normaal parcours

vlakke marathon         vlakke 60 km            Texel 60 km            

(+ circa 10%) (+ circa 10%)

2.20 (ca 18 km/u) 3.38 (16.5 km/u) 4.00
2.25 (17.5 km/u) 3.45 (16 km/u) 4.07
2.35 (16.5 km/u) 4.00 (15 km/u) 4.24
2.55 (14.5 km/u) 4.30 (13.3 km/u) 4.57
3.15 (13 km/u) 5.00 (12 km/u) 5.30
3.30 (12 km/u) 5.30 (10.9 km/u) 6.00
3.50 (11 km/u) 6.00 (10 km/u) 6.30
4.15* (10 km/u) 6.30 (9.2 km/u) 7.00


*) Mensen die langzamer zijn dan 4.15 op de marathon, lopen gerede kans om op Texel door de bezemwagen ingehaald te worden. Als ze op eigen risico doorlopen en buiten de limiet van 7 uur finishen, worden ze sinds 2005 niet meer met een eindtijd in de uitslag opgenomen.

De boodschap uit de Tabel 4 is heel duidelijk: reken je niet te snel voor Texel, want als men op een te simpel schema weggaat dan valt de eindtijd op Texel bijna altijd tegen! Daar komt bij dat de ‘rottigheid’ van Texel vooral in de eerste 30 km zit , zoals ook in ‘Het zand van Texel’ is beschreven hier op UltraNed op 26 februari 2005

Dus men kan het beste heel behoudend starten en zich dan na driekwart, als men zich nog goed voelt en de overige omstandigheden ook redelijk zijn, pas op een mooie finishtijd gaan richten.

Als voorbeeld een naïeve debutant die op Texel voor het eerst voorbij de marathon gaat lopen. Voor die marathon heeft hij of zij een keurige eindtijd van 3.30 staan. Nu is de planning om voor Texel nog wat meer te trainen dus is er de verwachting dat men de snelheid van 12 km/u van de marathon kan vasthouden. Men hoopt dan dat men mag extrapoleren volgens het eenvoudige rekensommetje: 60 km gedeeld door 12 = 5 uur. In werkelijkheid houdt hij of zij die 12 km/u niet vol over 60 km, dus het wordt 5.30 als het parcours vlak zou zijn. En reken er dan voor Texel nog maar een half uur bij, dus eindtijd 6.00.

Misschien is die Tabel 4 hierboven wat aan de pessimistische kant (en voor ervaren ultralopers zeker overdreven), maar de organisatie ziet liever opgetogen dan uitgebluste ultradebutanten aan de finish. Het maakt psychologisch groot verschil of de loper de hele 60 km tegen zijn eigen schema loopt te knokken en zwaar moet inleveren vergeleken met een loper die van de prachtige route geniet en dan ook nog in 5.45 finisht in plaats van de 6.00 uit bovenstaande tabel. De voldoening is dan toch heel wat groter.


Martien Baars